Uitgeverij Nenasu

De NSB ging het de eerste helft van de jaren dertig voor de wind. In 1934 telde de Beweging 33.000 leden en bij de verkiezingen voor de Provinciale Staten in 1935 behaalden Musserts volgelingen bijna 8% van de stemmen en dat leverde 41 van de 535 Statenzetels op. Het aantal abonnees van Volk en Vaderland (Vova) steeg van 6.000 in 1933 naar 23.000 in 1935. Een jaar later zou de NSB een absoluut vooroorlogs hoogtepunt bereiken met 52.000 leden. Bindende factoren waren het weekblad Volk en Vaderland en de Nederlandsche Nationaal Socialistische Uitgeverij (Nenasu), gevestigd in Utrecht. Beide waren eigendom Mussert; de leiding van Nenasu kwam in handen van Reinier van Houten die met stamboeknummer 54 tot de eerste leden van de beweging hoorde. Stichting Nenasu werd in 1934 opgericht en zou uitsluitend de NSB dienen met 'het uitgeven van boeken, periodieken, dagbladen, brochures [...] alles in den ruimsten zin, en een en ander ter verspreiding van de Nationaal-Socialistische Levenbeschouwing in Nederland'.

Van Houten zou in 1936 ook de zakelijke verantwoording dragen voor het eerste dagblad van de NSB, Het Nationale Dagblad, waarvan Rost van Tonningen de redactionele leiding had. 
Op de eerste Landdag van de NSB werd ook het 'strijdblad der beweging' gelanceerd. Hoofdredacteur George Kettmann kondigde de koers aan: 'Wij zullen er wel voor zorgen, dat dit weekblad geen sluimerrol wordt, waartegen men het hoofdje vlijt, om voldaan te dutten, nadat wij den braven burger wat sensatie hebben bezorgd. Wij schrijven regels van prikkeldraad -wij schrijven met den mitrailleur van onze geestdrift in het vuur van onze verontwaardiging.' De Vova's die de kameraden in weer en wind stonden te verkopen, bleken uiterst lucratief. De groei van de beweging en de intensieve colportage met het weekblad brachten welkome guldens in het laatje van leider Mussert. Toen Mussert en het tweede lid der Beweging, C. van Geelkerken, op 30 april 1934 werden ontslagen vanwege het ambtenarenverbod, ontvingen zij maandelijks een bedrag uit de kas van Nenasu (respectievelijk f 666,67 en f 333.33). Ook de Amsterdamse kringleider J.W. de Ruiter kreeg een maandelijkse toelage uit de kas van Nenasu, omdat deze zijn tandartspraktijk verruild had voor een leidingevende functie binnen de NSB. Bovendien kon directeur Reinier van Houten probleemloos voor f 1.200,- een Ford aanschaffen op kosten van de zaak. Nenasu bleek een belangrijke financiële steunpilaar voor de NSB.

De activiteiten van de onderneming richtten zich met name op het uitgeven van kranten, tijdschriften, liederenbundels en brochures. De uitgaven van Nenasu werden voornamelijk verspreid tijdens vergaderingen en door colportage. Enkele uitgaven bereikten een breder publiek via de gewone boekhandel, aangezien de uitgeverij sinds 1934 door de Vereeniging ter bevordering van de belangen des Boekhandels was erkend. Dat ging niet van harte, omdat de uitgeverij zich voornamelijk geprofileerd had als politieke-brochure-uitgeverij en door de Vereeniging dus niet als volwaardig boekenbedrijf werd beschouwd.

In 1937 verhuisde Nenasu naar Leiden en trad Van Houten als directeur af. Voor enige tijd werden de zaken waargenomen Anna Catharina Penning, daarna kwam H. Roskam, die op zijn beurt weer werd opgevolgd door Geertsema. In 1939 H.J. Kerkmeester, de latere directeur van de gelijkgeschakelde Arbeiderspers, aan het bewind. Ook die bleef niet lang. Hij werd in 1941 opgevolgd door C.E. W. Krediet, voorheen correspondent in Berlijn voor het Rotterdamsch Nieuwsblad, die in maart 1943 zijn directiezetel ter beschik king stelde aan J. W. Westenberg. In dat jaar werd ook Kerkmeester weer als adviseur aangesteld. In tegenstelling tot de andere uitgeverijen was er bij de NSB-onderneming nogal eens een wisseling van de wacht. Ook de uitgeverij verplaatste zich eind 1941 van Leiden naar Rotterdam en nam daar gebouwen en installaties over van de inmiddels verboden katholieke krant De Maasbode. Wegens onvoldoende accommodatie moest de uitgeverij in 1942 weer verhuizen naar Utrecht, waar zij de firma v /h LE. Bosch en Zoon aan de Oude Gracht 172-176 in Utrecht in handen kreeg. Bosch was geen onbekende voor de NSB, de onderneming leverde al goede diensten in 1932 en 1933.

Analoog aan de Kleine Cultuur Bibliotheek, waarmee De Kleine Nationaal-Socialistische Bibliotheek. De serie bevatte korte biografische schetsjes en werd gestart om 'het Nederlandsche volk gelegenheid te bieden, zich bewust te worden van den rijkdom van zijn nationaal verleden'. Dat was hard nodig want, er 'is misschien geen beschaafd volk wereld, dat zoo slecht op de hoogte is van hetgeen het voorgeslacht naliet aan traditie, lichtende voorbeelden en schatten van den geest, als het onze', vermeldde de inleiding bij het eerste deelde, dat het Wilhelmus behandelde. Dit lied was immers 'schandelijk verwaarloosd': 'Schuw keek men uit, of er geen marxist in de buurt was en zong het vaak met gedempte stem, uit vrees voor hen, die druk bezig waren de lijkbezorgers der nationale gedachte te worden'. Het Wilhemus zou de idealen der NSB belichamen en daarom werd het lied op alle scholen van de beweging grondig behandeld. Het tweede deel in de serie ging over de vaderlandse held Van Speijk. Daarna volgden boekjes over Michiel Adriaanszoon de Ruyter, Rembrandt en tenslotte was Willem van Oranje aan de beurt.


Merkwaardig genoeg vond Nenasu het niet nodig een auteursnaam te vermelden; alle deeltes verschenen anoniem. De uitgeverij staakte de reeks in 1936, maar zijn eind 1942 stonden de titels nog op de voorraadlijst van boeken en brochures van de uitgeverij.
De meeste brochures werden op bijeenkomsten, zoals de NSB-Landdagen, aan de man gebracht. Nenasu beschikte hier over een speciale tent waarin de publicaties werden aangeboden. Andere werden via advertenties toegezonden aan leden en belangstellenden, of door middel van colportage verkocht.

Een enkele keer probeerde de uitgeverij de buitenstaanders te bereiken, bijvoorbeeld met de anoniem gepubliceerde brochure De geheime geldbronnen der NSB onthullingen van een "insider", die de suggestie moest weerleggen dat de NSB Duits geld gefinancierd werd en dus aangezien kon worden voor een buitenlands nazifiliaal. De sensationele titel werkte zo goed dat de brochure zorgde voor een aanmerkelijke versterking van de partijkas.

Voor de leden waren de vijf programmatische brochures van belang, die waren uitgevoerd in de NSB-kleuren zwart en rood (zwart voor de bodem en rood voor het bloed). Brochure I en II bevatten Musserts programma met toelichting, III handelde over de nationaal-socialistische staatsleer, IV ging in op de actuele politieke vragen, terwijl V een verbeterde versie was van brochure III. 

Een populair boekje was Het Nederlandsch fascisme van C.B. Hylkema, dat in 1934 voor het eerst bij uitgeverij literbo het licht had gezien, maar waarvan een jaar later bij Nenasu een tweede en derde druk verscheen met kleurige omslag van NSB-illustrator Maarten Meuldijk. Hylkema, van huis uit predikant, wilde vanuit zijn persoonlijke visie hiermee een 'voor allen verstaanbaar boek over het Nederlandsch fascisme' schrijven, geen propagandawerk, maar zuiver beschrijvend. Op de valreep voor de bezetting verscheen bij Nenasu nog een boekwerkvan betekenis: Het nationalisme van de NSB, verzameld door de latere hoofdredacteur van Volk en Vaderland L Lindeman. In het boek werden de hoogtepunten in de geschiedenis van de beweging beschreven, die moesten aantonen dat Mussert de voorgaande jaren het bij het rechte eind had gehad. Kort na mei 1940 volgde het tweede deel, Het socialisme van de NSB. Beide boeken golden als politieke standaardwerken van de NSB en werden gedrukt op de persen van drukker Haasbeek uit Alphen aan den Rijn in een oplage van 2.000 exemplaren. Ook latere herdrukken zou Haasbeek voor zijn rekening nemen. 

Tijdens de bezetting bleef Nenasu de NSB bedienen. Het bedrijf werd opgesplitst in vier afdelingen: kranten, tijdschriften, boeken en drukkerij. Naast Volk en Vaderland gaf het bedrijfbladen uit als De Zwarte Soldaat, Ontwakend Volk, Nieuw Nederland, De Nationaal-Socia!istische Vrouw en Opvoeding in Volksche Geest. Ook de exploitatie van de stroom brochures die Nenasu onder de leden en op de markt verspreidde bracht veel geld op. Aangezien Nenasu als partij-eigendom werd beschouwd, lieten de kopstukken van de NSB niet na zich geregeld met het uitgeversbeleid te bemoeien, wat de directie in haar taak behoorlijk stoorde. Zo werd het vierdelige werk van M.J. Twiss, Nationaal-socialistische mijnbouw (1941-1943), op aandringen van Mussert toch doorgezet. Partijprominenten als Max Blokzijl en Robert van Genechten publiceerden hun werk meestal bij Nenasu. In 1941 volgde een ander standaardwerk van de Beweging, Voor volk en vaderland, samengesteld door C. van Geelkerken. Dit boek gaf de eerste tien jaar van de geschiedenis der NSB weer. In de jaren die volgden zou Nensau steeds vaker, zij het in bescheiden mate, boekuitgaven op de markt brengen.

Ook probeerde de uitgeverij het met een enkele roman, zoals die van Henri van Hoof en Hilda Bongertman, maar de grootste steunpilaar bleef de uitgave van Volk en Vaderland, de propagandabrochures en ook wel de Duitse drukorders. Een van de laatste boeken die onder imprint van Nenasu verschenen was Mussert als ingenieur van J. Homan van der Heide, een hommage ter gelegenheid van de verjaardag van de leider. 

Na de oorlog bleek de boekhouding van Nenasu vernietigd dan wel verdwenen, maar directeur Westenberg noemde tijdens een naoorlogs verhoor de resultaten over het jaar 1943 uitermate goed. Mussert zelf wist zich tijdens zijn gevangenisschap te herinneren dat de winst van Nenasu tussen de f 80.000,. en f 100.000,- per jaar lag. Dat was overigens het enige wat de leider interesseerde, want met de 'diepere interne aangelegenheden' bemoeide hij zich niet. 'Dit mag misschien paradoxaal klinken, maar de bedrijven rendeerden en daar ik maar zelden van interne strubbelingen vernam, heb ik daar verder geen aandacht aan geschonken. Het zal u duidelijk zijn, dat ik het overigens druk genoeg had', verklaarde Mussert over Nenasu. 
(Uit: Zwaard van de geest: het bruine boek in Nederland 1921-1945 door Gerard Groeneveld)

Copyright © 2017 internetbedrijf Soldesign